Publicaties & Nieuws

Tips

Korting op belasting als u kinderen heeft onder de twaalf jaar

 

 

 

Kinderen kosten veel geld. Gelukkig zijn er verschillende regelingen, waarmee de overheid tracht u een beetje tegemoet te komen in die kosten. De kinderbijslag en kinderopvangtoeslag kennen de meeste mensen wel, maar bent u ook bekend met de inkomensafhankelijke combinatiekorting?

De inkomensafhankelijke combinatiekorting is een korting die u kunt krijgen op de verschuldigde inkomstenbelasting als u een kind heeft onder de twaalf jaar oud. Dat kind moet op uw adres staan ingeschreven en u dient inkomen uit arbeid te hebben. Het mag gaan om uw eigen kind, stiefkind, pleegkind, adoptiekind of het kind van uw fiscale partner. De korting kan oplopen tot een bedrag van € 2.881 in 2020.

Als u gescheiden bent en uw kind staat niet op uw adres ingeschreven, kunt u onder omstandigheden ook aanspraak maken op de inkomensafhankelijke combinatiekorting. Voorwaarde is dan dat sprake is van co-ouderschap. De belastingdienst ziet een regeling waarbij uw kind ten minste drie hele dagen per week (dus drie keer 24 uur) of om de andere week bij u verblijft als co-ouderschap.

Bovenstaande invulling van het co-ouderschap wordt door de belastingdienst heel strikt gehanteerd en gecontroleerd. Een andere regeling dan ten minste drie dagen per week of om de week geeft volgens de belastingdienst geen recht op de inkomensafhankelijke combinatiekorting, ook niet als deze regeling inhoudt dat uw kind over een periode van twee weken wel gemiddeld drie dagen bij u verblijft. Als uw kind de ene week vijf dagen bij u verblijft en de andere twee, kunt u volgens de belastingdienst geen aanspraak maken op de inkomensafhankelijke combinatiekorting. De belastingdienst controleert de regeling door van u te verlangen dat u het ouderschapsplan toestuurt, waarin de afspraken omtrent de verdeling van de zorg over uw kind tussen u en de andere ouder zijn vastgelegd.

Deze strikte toepassing door de belastingdienst is op nogal wat verzet gestuit. Inmiddels is een zaak, waarbij een vader zijn dochter de ene week vier dagen en de andere week twee dagen verzorgde (dus over twee weken genomen gemiddeld drie dagen), voorgelegd aan de Hoge Raad. De belastingdienst weigerde de inkomensafhankelijke combinatiekorting toe te passen. De rechtbank stelde de man in het gelijk, het hof stelde daarop de belastingdienst in het gelijk.

Inmiddels heeft de Advocaat Generaal een conclusie genomen in deze zaak, waarbij de Advocaat Generaal meent dat de belastingdienst een minder strikte uitleg zou moeten hanteren en zodoende ook bij een regeling waarbij de kinderen de ene week twee en de andere week vier dagen bij een ouder verblijven aanspraak zou moeten kunnen worden gemaakt op de betreffende korting.

Het blijft in ieder geval heel belangrijk om de afspraken over de zorgregeling op juiste wijze vast te leggen in een ouderschapsplan na scheiding.

Voor vragen, advies en bijstand staan de advocaten van Beumer Advocaten en Mediators voor u klaar.